Saturday, February 28, 2009

Goodbye Vietnam...

Want wij worden het land uitgezet, jawel, geen dag langer (eigenlijk al -vier dagen) welkom hier. Illegaal zwerven wij nog snel een paar dagen door Hanoi voor we morgenochtend stand te pede naar Kuala Lumpur vliegen. Gelukkig schijnen ze daar niet zo te emmeren over visa die om een of andere onduidelijke reden niet verlengd kunnen worden. Had ik vanmorgen nog graag een buitengewoon mopperig stukje willen schrijven over ‘another pair of stoepid roels’ hier, nu zeg ik maar gewoon: doeg Vietnam, veel plezier nog met stempels zetten en argeloze toeristen het leven zuur maken. Wij gaan weer verderop kijken, waar de zon schijnt en we gratis een visum krijgen die niet na vijftien dagen waardeloos blijkt.

Wel mopperig? Ach ja, het is gewoon wel heel wonderlijk dat we door de Vietnamese ambassade in Hué doorverwezen worden naar ‘kastje’ Vietnamese ambassade in Hanoi, die ons vervolgens naar een reisorganisatie stuurt. En dat bleek inderdaad ‘de muur’ te zijn. Bam. Geen verlenging dus, en wij verbaasden ons opnieuw over de situatie hier, waar de officiële overheidsinstantie zegt dat je bij een reisorganisatie moet gaan vragen of zij jouw visum willen verlengen… bij diezelfde ambassade uiteraard… en tegen een extra commissie. Sure.

Maar goed, uiteindelijk spaarden we onze tachtig dollar weer uit. Ze konden ons niet helpen en wij moesten maar zorgen dat we zo snel mogelijk onze visa-loze butts in iets parkeerden dat ons over de grens zou helpen. De cyclo of motobike zou niet zoveel soelaas bieden in dit geval, dus dat zou het vliegtuig moeten worden en de eerst mogelijke vlucht was vier dagen na het verlopen van ons visum. Fijntjes werden we er nog op gewezen dat we wel een boete kunnen verwachten bij de douane. Iemand op de hoogte van de Vietnamese term voor zakkenwassers? Klootviolen mag ook. Mail het even door, bij voorbaat dank.

Gelukkig verloopt onze laatste dag hier ondanks alles boven verwachting, dankzij enkele strategisch briljante zetten van mijn geliefde. Tijdens zijn tocht naar nog onontdekte en niet vastgelegde tempels hier in de omgeving (Tempel? Waar? Waar? Ja, het neemt wat zorgelijke vormen aan) liep hij tegen een restaurantje aan dat vast zeer in de smaak zou vallen bij degene die op dat moment mokkend op de hotelkamer zat. Who, moi?

Een tapasrestaurant! Zomaar in het wild, in Hanoi! Waar wijn, lekkere hapjes en sfeer de boventoon voeren! In plaats van tl-licht, plastic stoeltjes waar een gemiddelde 3-jarige niet op zou misstaan (Richard ook niet trouwens, zie foto) en goedkoop bier. Dankbaar en innig tevreden zit ik inmiddels na te genieten van deze traktatie en Richard ligt gevloerd op bed. Want helaas voor hem had hij de zeer interessante boetiekjes naast de tapasbar niet opgemerkt. Of herkend als kooplustopwekkend, want ik blijk niet zo’n fan van de gemiddelde santekraam hier, en dat beviel Richard mateloos, dat was wel duidelijk. Maar helaas voor onze weldoener: er werden een paar beeldige jurkjes en andere frivoliteiten ontdekt en dat genot moest toch wel even danig uitgemolken worden.

De portier bood hem op de stoep (mannenhangplek) een stoeltje aan en de inmiddels besproken cyclo moest ook maar even geduld hebben. Gedrieën zaten ze solidair te doen en de ‘I’ve been there’ bemoedigende glimlachen vlogen over en weer. Ja, sommige dingen zijn universeel. Maar goed, na deze broodnodige tevredenheidsinjectie was deze trotse bezitster van enkele nieuwe items weer helemaal klaar voor de volgende beproeving en stapte monter in de zeiknatgeregende cyclo. Op naar de Temple of Literature (en ik krijg nooit stoeltjes aangeboden, het is oneerlijk verdeeld in de wereld. Maar ach, een wijntje doet meer dan duizend stoeltjes.

Dit was het wat betreft Vietnam, het was me weer een avontuur, dat wel. Nader bericht uit Maleisië volgt, morgen eerst een dag reizen, afzien, nieuw onderkomen zoeken, zucht. En dan is het wel weer tijd voor weer een dagje winkelen, denk ik. Zal Richard zo even wakker maken om zijn enthousiasme te peilen. En maar vast even een stoeltje reserveren.

No comments:

Post a Comment